Enten of Titeren

Welke keuze er ook gemaakt wordt, het lijkt me vanzelfsprekend dat we onze huisdieren willen beschermen en willen voorkomen dat ze een van de onderstaande ziektes krijgen.
Enten is van oudsher heel normaal, jaarlijst een prikje bij de dierenarts en het dier kan er weer een jaartje tegen. Uit onderzoek blijkt echter dat het jaarlijks enten vaak helemaal niet nodig is! En ook dat het helemaal niet zo gezond is om er ieder jaar maar weer een enting in te laten zetten. Om te controleren of het enten wel of niet nodig is kun je laten ‘Titeren’. Met titeren wordt er bloed afgenomen en daarmee wordt getest hoeveel afweer een dier nog heeft tegen de meest voorkomende ziekten (behalve Weil / Leptospirose, deze moet apart getest worden). Zo kun je dus bepalen of het wel of niet nodig is om het dier te enten, ook krijg je advies hoe lang je dan de volgende enting uit kunt stellen. Deze uitslag wordt eveneens in het entingsboekje / paspoort vermeld en is sinds 2016 wettelijk geldig en staat dus gelijk aan een enting.
Titeren is dus niet het vervangen van enten, maar het is enten op maat.

Zodra meer bekend is over de ziekten waartegen wij in Nederland onze dieren enten, wordt het vaak duidelijker waarom het beschermen van het dier zo belangrijk is. Daarom hieronder dan ook de door dierenartsen geadviseerde entingschema’s en een overzicht van de ziekten waar tegen geënt wordt.

Vaccineren ofwel inenten betekend simpelweg een dood of een verzwakt virus inspuiten. Dit is noodzakelijk om het lichaam vóór een eventuele besmetting alvast afweerstoffen te laten aanmaken. Dit voorkomt dat een dier heel ziek wordt of zelfs dood gaat zodra hij in contact komt met dit virus doordat het lichaam op voorhand al afweerstofjes aanmaakt. Het aanmaken van afweerstoffen zorgt ervoor dat, zodra het dier met de ziekte besmet wordt, het lichaam al ‘bekend’ is met de ziekteverwekker, hierdoor krijgen ziektekiemen minder kans en verloopt het ziektebeeld veel minder heftig.

Op deze pagina meer informatie over de entingen bij de hond.

Honden

Op de leeftijd van 6 weken: Parvo en Hondenziekte
Op de leeftijd van 9 weken: Parvo en Leptospirose
Op de leeftijd van 12 weken: Parvo, Hondenziekte, Leptospirose en Hepatitis (samen ook wel de grote cocktail genoemd)
Optioneel op de leeftijd vanaf 12 weken: Kennelhoest enting (welke sterk aan te raden is indien u naar een hondenschool, puppytraining, hondenshow of drukbezochte uitlaatplaats gaat)
Optioneel op de leeftijd van 12 weken: Rabiës enting (deze dient tenminste 21 dagen voor vertrek naar het buitenland te worden gegeven)
1 jaar en 12 weken: Cocktail en kennelhoest

Vervolgens wordt ieder jaar geënt voor Leptospirose en indien gewenst voor Kennelhoest. En eens in de 3 jaar krijgt de hond een grote cocktail en indien gewenst Rabiës.

Parvo
Het Parvo-virus geeft bij honden vooral een ernstige, bloederige diarree in combinatie met braken en hoge koorts (40-41graden). Hiernaast kan het virus ook het hart aantasten. Vooral jonge honden sterven vaak bij geen behandeling als gevolg van uitdroging en/of aantasting van het hart. Mocht de hond besmet zijn geraakt met het Parvo-virus, is het zaak direct een dierenarts te raadplegen. Met name ongevaccineerde pups zijn erg kwetsbaar; de ziekte kan voor hun snel fataal zijn. Indien een teef geïnfecteerd raakt tijdens de dracht, kan het virus schade veroorzaken aan de hersenen van de pups (zgn. cerebellaire hypoplasie). Pups die het einde van de dracht halen, zijn door hun evenwichtsproblemen ernstig gehandicapt.

Hondenziekte
Hondenziekte is een virusziekte waar vooral jonge honden erg ziek van kunnen worden. De verschijnselen zijn hoge koorts, ontsteking van de slijmvliezen van ogen en neus, hoesten, diarree , soms zenuwverschijnselen en soms verdikking van de hoornlaag op neus en voetzolen.
Zelfs ondanks een snelle en goede behandeling zullen veel van de besmette honden overlijden.

Leptospirose
Leptospirose is hetzelfde als de ziekte van Weil. Het belangrijkste in het ziektebeeld is ontsteking van de nieren. De veroorzakende Leptospiren worden via urine overgedragen. Besmet (zwem)water, stilstaande sloten en ratten spelen een grote rol bij overdracht. Bij te laat ingrijpen leidt deze ziekte vaak tot de dood. Deze ziekte kan ook overgedragen worden op mensen!

Hepatitis
Deze ziekte wordt veroorzaakt door een Adenovirus. Dit virus veroorzaakt onder andere een ontsteking van de lever. De verschijnselen kunnen erg vaag zijn van mild tot zeer ernstig en soms zelfs met dodelijke afloop. Het komt voor bij honden van alle leeftijden.

Kennelhoest

Kennelhoest kenmerkt zich door een hardnekkige, vaak droge hoest. De hond kan zo heftig hoesten dat het tot kokhalzen en braken leidt. Vaak treedt het op na contact met meerdere andere honden, zoals het bezoek aan een pension, kennel, hondenschool of tentoonstelling. Kennelhoest wordt veroorzaakt door een combinatie van verschillende virussen en bacteriën. Twee belangrijke veroorzakers die in een vaccin zijn verwerkt, zijn het para-influenza virus en de bacterie Bordetella Bronchiseptica.

Deze enting wordt in de meeste gevallen, in tegenstelling tot de andere genoemde entingen, gegeven via de neus in plaats van via injectie onderhuids. Deze enting werkt 1 jaar en moet ieder jaar herhaald worden om werkzaam te blijven. Indien uw hond de neusdruppel niet waardeert is er ook een injectievorm van de vaccinatie. Dit is echter een alternatief omdat deze eerst 2x gegeven moet worden en vervolgens maar 3 maanden werkzaam is.

Rabiës
De Rabiës enting, ook hondsdolheid enting genoemd, is verplicht als de hond naar het buitenland gaat. Hondsdolheid is een zeer ernstige, dodelijke ziekte bij zowel mens als dier. Rabiës komt in Nederland gelukkig maar zelden voor, echter een enkele vleermuis of vos zou besmet kunnen zijn.

Het begint vaak met lichte koorts, algeheel niet lekker, verminderde eetlust, pijnlijke keel en misselijkheid. Dan volgt al snel verhoogde spierspanning, prikkelbaarheid/agressie en overgevoeligheid voor licht. Direct gevolgd door verlammingsverschijnselen (in bek en keel, dus kwijlen) gevolgd door coma en dood. In de meeste gevallen zit er slechts 5-7 dagen tussen het begin van de lichte verschijnselen en de dood.

Als de hond meegaat naar het buitenland moet er wel rekening mee worden gehouden dat er minimaal 21 dagen voor het vertrek gevaccineerd dient te worden. Tevens vragen veel landen een titer bepaling (bloedonderzoek). Sommige landen hebben nog meer aanvullende eisen.
Kijk hiervoor op www.licg.nl